In heel Zuid-Afrika zorgen bavianen voor oponthoud op de weg.
Hoewel nog niet helemaal op de bestemming, zijn we toch heel opgelucht als we de afrit 'luchthaven' kunnen nemen en niet veel later de auto bij het verhuurbedrijf neer kunnen zetten. De wagen ziet er uit als een beest, maar voor de verhuurder is dat schijnbaar een teken dat we er plezier van hebben gehad. Als met al hebben we met deze auto toch ruim 1900 km afgelegd.
Het hotel stelt voor, na een telefoontje van ons, om een bevriendde taxi sturen, maar het duurt wel even voordat we elkaar op het vliegveld gevonden hebben. Tijdens de rit, het is inmiddels helemaal donker geworden, komen we er achter dat we waarschijnlijk een groot probleem zouden hebben gehad om het hotel te vinden. Wat een stad.
Rond half acht zijn we eindelijk in ons hotel, het Sweet Orange Guest House. De manager is een beetje laks en pas rond 9 uur kunnen we wat gaan eten in een restaurant om de hoek.
Het 'hotel' zelf is oud, heel gehorig en alle deuren en vloeren piepen en kraken. De inrichting van de kamers past wel bij de leeftijd van het gebouw maar de bedden in de hele ruime kamer blijken aan het eind van de avond wel heel comfortabel te zijn. We zitten hier wel goed de komende dagen.